Karper Herpes Virus

De meest gevreesde ziekte onder karper wordt veroorzaakt door het karper Herpes Virus (KHV). Telkens duiken nieuwe varianten op, waardoor een griepprik ieder jaar, voor de dan geldende variant, moet worden aangepast. Een virus is obligaat wat wil zeggen dat het niet zonder gastheer kan “overleven”. Kenmerkend van een virus is dat deze cellen binnendringt van een gastheer en deze cel ervoor laat zorgen dat het virus vermenigvuldigd wordt. Op een gegeven moment zijn er zoveel virussen dat de cel eraan kapot gaat. De virussen infecteren dan weer nieuwe cellen en kunnen zich op die manier enorm snel vermenigvuldigen, met steeds grotere schade aan de gastheer tot gevolg.

Een virus is meestal soortspecifiek. Het HIV virus dat AIDS kan veroorzaken is bijvoorbeeld niet overdraagbaar op vissen. Toch zijn er virussen die de overstap naar een ander soort organisme kunnen maken, denk hierbij aan de recente uitbraken van de varkenspest of de vogelgriep.

KHV is hoogstwaarschijnlijk een virus uit de Herpesfamilie, maar is wel een vreemde telg. Het virus is namelijk veel groter dan de andere herpusgerelateerde virussen. Hoewel, groot is een relatief begrip. Een virus is nog altijd gemiddeld honderd keer kleiner dan een cel, dit kun je vergelijken met een verschil in grootte tussen een mens en een wolkenkrabber. KHV kan alleen Cyprinus carpio (de karper) ziek maken. Wel kan het virus zich handhaven in Hybriden (kruisingen met aan karpers nauw verwante andere vissen).

KHV is een hoogst besmettelijk virus. Er bestaan in principe géén geneesmiddelen tegen virussen. Vaak zal het afweergestel van een organisme dat besmet is, zelf met het virus afrekenen. De specifieke weerstand van het besmette organisme maakt dan antistoffen aan. Deze antilichamen vallen het virus dan aan zodat het kan worden overwonnen. Een gezond mens zal bijvoorbeeld op eigen kracht een griepvirus binnen enkele weken de baas zijn. Wat wel een helpende hand kan bieden is vaccinatie. Bij vaccinatie wordt een dood of afgezwakt virus toegediend zodat het lichaam alvast kan beginnen met het maken van antistoffen. Geheugencellen onthouden bovendien welke antistoffen moeten worden aangemaakt wanneer in de toekomst weer besmetting met het virus plaatsvindt. Wanneer in een later stadium dan contact is met het echte virus, dan kan de voorraad antistoffen worden aangesproken en is het organisme het virus snel de baas.
Besmette vissen vertonen meestal verschijnselen tussen de 18 en 28 graden Celsius, met een “optimum” rond 22-24 graden Celsius. Zeer dodelijk. Tot 100% sterfte is mogelijk. Acute sterfte of sterfte binnen enkele dagen nadat de eerste symptomen zich openbaren. Vaak slachtoffers zonder uiterlijke kenmerken.
Door besmetting van andere karpers of water waarin besmette karpers zitten/zaten. Materiaal als netten e.d. waar besmette karpers mee in contact zijn geweest. Mogelijke overdracht door migranten als watervogels, kikkers en insecten.
Preventie:
Quarantaine, immuunschema* of vaccinatie**. Uitstekende wateromstandigheden en voorkomen van stress kunnen mogelijk helpen om een uitbraak onder besmette vissen te vertragen.* Immuunschema (overheating): Vroeger veel toegepast bij jonge vissen uit Israël. Door de temperatuur van het water gedurende een dag of 21 omhoog te brengen (>30 graden Celsius) inactiveert men het virus van een besmette vis, waardoor weerstand kan worden opgebouwd. Of de vis hierna drager van het virus blijft is onbekend, belangrijker om te weten is echter of de vis nog een besmetting kan veroorzaken. Sommige wetenschappers zijn ervan overtuigd dat na maanden/jaren nog uitbraken kunnen voorkomen door besmette vissen die het overleefd hebben.** In Israël is een vaccin ontwikkeld dat momenteel getest wordt. Men is zeer hoopvol.